Assiya (עֲשִׂיָּה; fonetisch: a-sie-ja) betekent ‘handeling’, ‘vervaardiging’ of ‘tot uitvoering brengen’. Zij is de vierde wereld binnen ABiYA (אבי״ע; fonetisch: a-bie-ja): Atzilut, Briah, Yetzirah en Assiya. In deze opeenvolging wordt wat in de hogere werelden als Licht, mogelijkheid en vorm aanwezig is uiteindelijk werkzaam als concrete handeling.
Assiya mag niet eenvoudig worden gelijkgesteld aan de fysieke wereld. De Kabbala spreekt ook over een spirituele wereld Assiya, met een volledige eigen ordening. Olam HaZeh (עוֹלָם הַזֶּה; fonetisch: o-lam ha-zè), ‘deze wereld’, vormt het laagste en meest verdichte uiteinde van dit proces. De zichtbare werkelijkheid staat daarom niet buiten de spirituele structuur, maar is de plaats waar haar werking het sterkst verhuld verschijnt.
Zoals iedere wereld omvat Assiya alle tien Sefirot (סְפִירוֹת; fonetisch: se-fie-rot) en alle Partsufim (פַּרְצוּפִים; fonetisch: part-soe-fiem). Assiya wordt als geheel vooral verbonden met Malkhut (מַלְכוּת; fonetisch: mal-choet), omdat Malkhut ontvangt wat in de voorafgaande niveaus is voorbereid en het tot uitdrukking brengt. Deze verbinding betekent dus niet dat Assiya uitsluitend uit Malkhut bestaat.
Tussen Atzilut, Briah, Yetzirah en Assiya bevinden zich Masachiem (מָסָכִים; fonetisch: ma-sa-chiem), schermen waardoor het Ohr in een steeds verder begrensde vorm wordt ontvangen. Het Ohr zelf verandert niet; wat verandert, is de Klie en daarmee de mate waarin het Licht herkenbaar kan worden. In Assiya is de verhulling het grootst en kan een schepsel zichzelf ervaren alsof het losstaat van zijn oorsprong.
Van de niveaus van de ziel wordt Assiya verbonden met Nefesj (נֶפֶשׁ; fonetisch: ne-fesj). Nefesj is de levenskracht die het nauwst met het lichaam, de natuurlijke verlangens en het concrete handelen samenhangt. Een intentie blijft zonder Nefesj niet alleen abstract: zij kan beweging worden, een keuze sturen en zichtbaar worden in wat iemand daadwerkelijk doet.
Na Sjevirat HaKelim (שְׁבִירַת הַכֵּלִים; fonetisch: sje-vie-rat ha-ke-liem), het Breken van de Vaten, bevinden vonken van Licht zich binnen de lagere werelden vermengd met gebroken vormen en Kelipot (קְלִיפּוֹת; fonetisch: ke-lie-pot), omhullingen die het Licht verbergen. In Assiya wordt deze vermenging het meest concreet zichtbaar. Materie, verlangen en handeling zijn daarom niet op zichzelf goed of kwaad; doorslaggevend is de vorm waarin zij worden ontvangen en gebruikt.
Hier krijgt Tikkoen (תִּקּוּן; fonetisch: tie-koen), herstel, een praktische betekenis. Door Biroer ha-Nitsotsot (בֵּרוּר הַנִּיצוֹצוֹת; fonetisch: bie-roer ha-nie-tso-tsot), het onderscheiden van de vonken, kan wat verborgen ligt opnieuw met zijn wortel worden verbonden. Dat gebeurt niet door de materiële werkelijkheid te ontvluchten, maar door aandacht, intentie en verantwoord handelen binnen die werkelijkheid.
De handen die klei vormen geven hiervan een eenvoudig beeld. De vorm bestaat eerst als mogelijkheid, maar wordt pas werkelijk door aanraking, begrenzing en inspanning. De weerstand van de materie is daarbij geen vergissing; juist deze weerstand maakt een concrete vorm mogelijk. Assiya is zo niet slechts het einde van een afdaling, maar de plaats waar het doel van het proces zichtbaar kan worden: Licht dat binnen een passende Klie tot handeling komt.


