Na een eerdere open les kreeg ik de volgende vraag:

“Wat is de code van geluk in de Kabbala? Gelukkig zijn met chips, kleinkinderen of kennis, of het uitblijven van pijn, lijkt te simpel.”

Terwijl ik over deze vraag nadacht, merkte ik dat ik in mijn lessen meestal heb gesproken over een formule voor geluk. Nu werd er echter gevraagd naar een code. Dat is een goede en belangrijke verschuiving, want een formule en een code zijn twee verschillende benaderingen.

Een formule beschrijft een wet of regel. Zij laat in een compacte vorm zien hoe verschillende krachten zich tot elkaar verhouden. Een code is een systeem. Om een code te begrijpen, moet je niet alleen de afzonderlijke elementen kennen, maar ook ontdekken hoe zij samenwerken, hoe informatie zich door het systeem beweegt en wat er gebeurt wanneer de onderlinge verhouding verandert.

Aan de hand van vijf vragen probeerden we tijdens de open les de code van geluk te ontcijferen. Wat noemen we eigenlijk geluk? Waarom blijft het krijgen van wat we verlangen vaak niet lang bevredigend? Bestaan er verschillende vormen van geluk? Wanneer wordt het verlangen naar geluk zelf een probleem? En wat zou vanuit de Kabbala een evenwichtige vorm van geluk kunnen zijn?

Drie mensen proberen een ingewikkelde code te ontcijferen terwijl een eenvoudige kaart met twee pijlen voor hen ligt

Ik begon niet onmiddellijk met het beantwoorden van deze vragen. Eerst wilde ik het systeem laten zien waarbinnen de Kabbala over ontvangen, vervulling en ervaring spreekt. In dit systeem lopen vanaf het begin twee verbindingstrajecten door de werkelijkheid: Ohr Chochma (אוֹר חָכְמָה; fonetisch: or choch-ma) en Ohr Chassadim (אוֹר חֲסָדִים; fonetisch: or cha-sa-diem).

Beide komen voort uit Ein Sof, de vormloze en onbegrensde werkelijkheid van potentieel. Zij lopen door alle niveaus van de schepping, voorbij het middelpunt waar het verlangen ontstaat en verder naar beneden, tot in de wereld van materie en zelfs tot in de Klipot, de schillen en verhullingen waarin het Licht nauwelijks nog herkenbaar is.

Dat is belangrijk. Wanneer een bepaalde vorm of ervaring geen enkele verbinding meer met haar oorsprong zou hebben, zou zij eenvoudigweg niet kunnen bestaan. Zelfs wat wij als afval, nutteloos of verworpen beschouwen, blijft opgenomen in een keten van oorzaken en gevolgen. Ook daar moet nog iets van levenskracht aanwezig zijn. Anders zou niet alleen die laatste vorm verdwijnen, maar zou de hele lijn die ertoe heeft geleid haar samenhang verliezen.

De twee trajecten functioneren samen om Shefa (שֶׁפַע; fonetisch: sje-fa) mogelijk te maken: een overvloed van Licht die in de geschapen werkelijkheid als leven, kennis, vervulling en ervaring verschijnt.

Ohr Chochma is het traject van vervulling. Het brengt het potentieel van boven naar beneden en maakt het mogelijk dat iets werkelijk ontvangen en ervaren wordt. Het kan worden voorgesteld als eenrichtingsverkeer: het Licht stroomt vanuit de Bron naar het Vat, vanuit het vormloze naar een concrete vorm.

Een gedachte wordt inzicht. Voedsel wordt smaak en verzadiging. Nabijheid wordt liefde. Potentiële kennis wordt een begrip dat door een mens ervaren kan worden. Zonder Ohr Chochma zou er geen inhoud, levenskracht of vervulling zijn.

Hierin ligt voor mij de formule voor geluk. Er bestaat een verlangen en er bestaat een Licht dat dit verlangen kan vervullen. Toch is de formule op zichzelf niet voldoende. Zodra een verlangen wordt vervuld, verandert het Vat dat de vervulling ontvangt. Wat eerst intens en bijzonder was, wordt geleidelijk gewoon, een verschijnsel dat ik in de blogpost ‘Het nieuwe is eraf...’ uitgebreider heb beschreven. De smaak verdwijnt, de nieuwe kennis wordt vertrouwd en zelfs een langverwachte situatie kan na verloop van tijd haar glans verliezen.

Dat betekent niet dat het geluk onwerkelijk was. Het geluk van chips, kleinkinderen, kennis of het verdwijnen van pijn hoort telkens bij een ander verlangen en dus bij een andere vorm van vervulling. Het probleem ontstaat wanneer we van één tijdelijke vorm verwachten dat zij een blijvende en volledige vervulling zal geven.

Wanneer we het ontvangen genot steeds opnieuw proberen vast te houden of te versterken, kan het verlangen naar geluk zelf een gevangenis worden. Een te grote hoeveelheid Licht kan het Vat overweldigen. We worden dan als het ware vergrendeld in de ontvangen ervaring. In plaats van vrij te zijn, worden we afhankelijk van het herhalen van dat ene gevoel.

De code van geluk heeft daarom te maken met Ohr Chassadim. Dit tweede traject is verbonden met geven, ruimte maken, begrenzen en het vermogen om een ontvangen ervaring opnieuw in beweging te brengen. Ohr Chassadim maakt tweerichtingsverkeer mogelijk. Het Licht wordt niet alleen ontvangen; de ontvanger kan antwoorden, verwerken, delen en iets terugbrengen in de relatie.

Kennis kan worden doorgegeven. Liefde kan zorg en verantwoordelijkheid worden. Een ervaring kan worden omgevormd tot inzicht of tot een handeling die ruimte maakt voor een ander. Wat ontvangen is, keert niet noodzakelijk in dezelfde vorm terug. Het wordt door de mens verwerkt en krijgt een nieuwe uitdrukking.

De code van geluk bestaat daarom niet uit zo veel mogelijk ontvangen. Zij ligt in het vermogen vrij te bewegen tussen ontvangen en geven. Ohr Chochma brengt de ervaring binnen. Ohr Chassadim voorkomt dat die ervaring zich rond de ontvanger sluit. De twee Lichttrajecten werken samen als één systeem.

Tijdens de les kwam ik zo bij het Hebreeuwse woord voor ervaring of beleving: Chavaya (חֲוָיָה; fonetisch: cha-va-ja). Het woord is nauw verbonden met Chava of Chawa, de Hebreeuwse naam van Eva (חַוָּה; fonetisch: cha-va), die in Genesis em kol chai, de moeder van al het levende, wordt genoemd. Vanuit een kabbalistische lezing kan zij ook worden gezien als de moeder van alle belevingen: alles wat een mens innerlijk ondergaat en waardoor het leven gestalte krijgt. Een leven bestaat immers niet alleen uit tijd, maar uit alles wat wordt beleefd, ontvangen en doorleefd. Chavaya is het innerlijke Vat waarin deze belevingen zich verzamelen en dat wij leven noemen.

Geluk betekent daarom niet dat alleen de aangename ervaringen mogen blijven en dat al het andere moet verdwijnen. Ook verlies, begrenzing en teleurstelling worden onderdeel van het Vat. Dat betekent niet dat pijn goed genoemd moet worden, maar wel dat een ervaring niet ophoudt te bestaan zodra zij niet langer gewenst is. Zij kan later een andere plaats krijgen en worden omgevormd tot zelfkennis, verantwoordelijkheid, mededogen of een duidelijkere grens.

Een evenwichtige vorm van geluk is dan geen leven zonder pijn en ook geen onafgebroken toestand van genot. Het is het vermogen aanwezig te blijven in de beweging tussen ontvangen en geven, vervulling en ruimte, Ohr Chochma en Ohr Chassadim.

De formule laat zien dat er een verlangen is en een Licht dat het kan vervullen. De code laat zien hoe die vervulling door ons heen kan bewegen zonder dat we erin opgesloten raken. Geluk is niet het vasthouden van één perfecte ervaring, maar de vrijheid om ervaringen te ontvangen, te verwerken en opnieuw in de stroom van het leven te brengen.

J.